Live Live

Rouw in wit voor Enschedese hindoe-oermoeder (1926-2019)

Gepubliceerd: Vrijdag 15 maart 2019 09:26

Rouw in wit voor Enschedese hindoe-oermoeder (1926-2019)

Als Bansradji, haar man en hun kinderrijke gezin naar Twente verhuizen, stichten ze ‘klein-Suriname’ in de Enschedese wijk Roombeek. De vuurwerkramp vernietigt alles.

Bansradji Somar wordt uitgehuwelijkt. Haar man Ramharak Ganeshi, een half jaar jonger, woont aan de overkant van de Sarramacca-rivier in Suriname. Het land is ruig en onontgonnen. Het hindoeïstische paar sappelt op een plantage. Er worden pinda’s, rijst en maïs verbouwd, er is vee. Ondanks hun gearrangeerde verbintenis, groeit liefde. Ze krijgen negen zonen en vijf dochters.

Emigreren
Augustus 1972. Als drie meiden Ganeshi al naar Nederland zijn verhuisd, besluit het gezin zijn geboortegrond te verlaten. In Nederland kunnen de kinderen studeren, er wacht geen dienstplicht. De eerdere kolonie wordt losgekoppeld van het koninkrijk. Twee broers, die na de decembermoorden (1982) nog in Suriname wonen, emigreren als laatsten.

Bansradji is naar dit kikkerland ‘gelokt’. „Zij dacht dat ze op vakantie kwam en terug zou keren. Het was moeilijk om te aarden”, vertelt Saskia Ganeshi (45). Zij is als baby van zes weken door haar oma en opa opgenomen en wordt ‘kleine dochter’ genoemd. In Twente heerst een ander ‘klimaat’.

Meestal is het koud, anders dan onder de tropenzon. Leven speelt zich hier binnen af. Op gas heeft ze nooit gekookt, ‘thuis’ stookt ze hout. Hoe een wasmachine en koelkast werken? Geen idee.

Klein Suriname
Haar man werkt bij textielfabriek Tetem, in Enschede-noord. In een arbeidersbuurtje om de hoek, aan de Renbaanstraat, krijgt de familie drie huizen. De tuinen worden gekoppeld. Bansradji sticht haar eigen ‘dorpje’, ‘klein Suriname’. De Roombeek vervangt de Saramacca. Ze houdt kippen, eenden en duiven, ze verbouwt groenten en tomaten. Ze verzorgt een tropische plant zo liefdevol, dat er bananen aan groeien.

Ze went aan Twente. Saskia: „Op den duur vond ze haar draai.” Ze spreken een mix: Hindi en Nederlands. Bansradji wordt steeds meer gezien en benaderd als oermoeder van de hindoegemeenschap, ook door charisma en karakter. Na de onafhankelijkheid (1975), sinds Desi Bouterse de republiek leidt, is terugkeer uitgesloten. Wel viert ze drie vakanties in het vroegere vaderland. „Ze had geen hang naar Suriname, ook omdat ze daar in armoede opgroeide.”

Vuurwerkramp
Ramharak (73), haar echtgenoot en de vader van hun 14 kinderen, overlijdt. Hij wordt 13 augustus 1999 gecremeerd, met de voorgeschreven religieuze rituelen. De familie rouwt exact negen maanden als 13 mei 2000 aanbreekt. Die stralende zaterdagmiddag, daags voor Moederdag, ontploft SE Fireworks met twee daverende explosies. De vuurwerkramp eist 23 levens, bijna duizend mensen raken gewond, een wijk wordt weggeblazen.

De Surinaamse hindoefamilie Ransing-Jhanjhan, goeie bekenden van de Ganeshi’s, verliest vijf gezinsleden. Lijfelijk leed blijft Bansradji en haar naasten bespaard. Hun huizen aan de Renbaanstraat gaan verloren. Saskia: „De vuurwerkramp was een grote klap, we raakten bijna alles kwijt.” ‘Klein-Suriname’, met vee en vegetatie, valt uiteen.

Integreren
Moeder moet opnieuw beginnen, weer. Ze verhuist naar een duplexwoning in de volkswijk Stadsveld. Herinneringen aan de ramp zijn voor haar te heftig om terug te keren naar de Renbaanstraat. Saskia: „Bovendien was het na de herbouw niet meer de arbeiderswijk die het voor 2000 was.”

Bansradji heeft hindoeïstische en allochtone vrienden. Ze integreert. Ze houdt van bingo en busreizen, geniet van zwemmen en sauna. Ze fitnesst tot op hoge leeftijd. Op feestjes en bruiloften is ze de gezellige dame, op begrafenissen deelt ze verdriet. Haar gastvrijheid kent geen grenzen. Zelfs de meteropnemer mag niet vertrekken zonder iets te eten of te drinken. Iedereen smult van haar roti (wraps).

Aanzien
Alle zonen voetballen: Geel-Zwart, Sportclub Enschede, SVV. Volgens zoon Jim (63) heeft moeder meer verstand van voetbal dan menige man. Ze houdt vooral van Oranje en Ajax. „Ze kende alle spelers.” Extra trots is ze op sterren met Surinaamse roots, zoals Ruud Gullit.

Ze kijkt graag darts. Barney (Raymond van Barneveld) is favoriet. Ze heeft aanzien in de hindoegemeenschap. Ze opent het nirvana-veld bij het crematorium in Usselo. Bij het divali-feest mag zij als eerste licht aansteken, in een wijkcentrum en later in de tempel in Glanerbrug. Daar bezoekt ze maandelijkse ceremonieën.

Longfibrose
Op haar 90ste verjaardag sterft haar oudste zoon Moeralilal (72), Saskia’s vader. Deze hartpatiënt heeft een ingebouwde defibrillator. Nadat hij moeders mijlpaal heeft gevierd, krijgt hij een attack in de auto. Reanimeren baat niet. Bansradji komt het verlies van haar oudste niet te boven.

Longfibrose beperkt de actieve Enschedese. Later krijgt ze hartritmestoornissen en slechte nieren. De MST-specialisten geven haar op. Saskia blijft twee jaar inwonend mantelzorgster. Bansradji (92) overlijdt thuis. Saskia: „Zij heeft mij opgevoed, ik heb haar verzorgd.”

Rouwproces
Na haar overlijden begint het rouwproces. Dat beslaat eerst twaalf dagen en uiteindelijk een jaar. De (klein)zoons scheren hun schedels kaal. Jim: „Om te laten zien dat je rouwt en jouw trots – je haar - weggeeft.”

Alleen bij Jim blijft een miniem plukje op het achterhoofd. Zo is hij te herkennen als ‘ceremoniemeester’ van de hindoeïstische rituelen (kaam kirja in het hindi). Om rein te blijven geeft hij bezoekers geen hand en komt hij niet buiten. Hij voedt een licht met olie (ghee).

Bidden
De familie verzorgt moeder. De dochters wassen en kleden haar. In het huis van de overledene mag geen vuur branden en wordt vegetarisch gegeten. Koken kan alleen elektrisch of op stoom. Jim: „In Suriname brengen buren eten.” Elke avond bidden en zingen dierbaren geestelijke liederen (bhajans). Daarna wordt in de aula van uitvaartcentrum Vredehof vier dagen afscheid genomen, met gebed, zang en troostende woorden. De laatste twee avonden daar zijn andere belangstellenden welkom.

705 mensen
De West-zaal van het crematorium in Usselo, als enige beschikbaar door een verbouwing, is te krap voor de bezoekersstroom. Zeker 750 mensen uit alle windstreken nemen afscheid. De (klein)zoons staan in het gelid achter de open kist; ‘kaalkoppen’ in witte rouwkleding. Ze vouwen de handen devoot hemelwaarts. De pandit (voorganger) wenst haar een behouden vaart. In Suriname zou de crematie buiten zijn, hier begeleiden de zoons moeder naar de oven.

Bansradji Ganeshi-Somar is op 14 december 1926 in Sarramacca (Suriname) geboren en op 4 maart 2019 in Enschede overleden.

© Newsroom Enschede, de samenwerking tussen TC Tubantia en 1Twente Enschede, foto: Familie Ganeshi

Deel deze pagina: