Live Live

Het verzetsverhaal van een Enschedeër

Zondag 18 maart 2018 16:12

Het verzetsverhaal van een Enschedeër

‘Praten kon de dood betekenen’. Dus zweeg Henk van Gelderen in de oorlog. Zou het daarom zijn dat hij zijn verzetsverhaal nu veel en met verve deelt? Zaterdag met de jongeren van Theater na de Dam. Zij maken een voorstelling, gebaseerd op het verhaal van onder meer de 96-jarige Enschedeër.

Ze heeft haar overgrootmoeder nog gevraagd: ‘Wat heeft u in de oorlog meegemaakt?’ ,,Oma wilde er niks over vertellen.” Britta Pal (13) uit Enschede snapt het wel. ,,Het is vast traumatisch geweest.” Twee maanden geleden overleed ze, op 99-jarige leeftijd. ,,Nu kan het dus niet meer.” Britta is een van de jongeren die meedoen aan Theater na de Dam. Op 4 mei, klokslag 21 uur in het Volkspark in Enschede, staat ze in een toneelstuk dat nog gemaakt moet worden.

Interviews
Deze zaterdag is Britta samen met acht andere jonge theatermakers naar de Theatermakerij in de Performancefabriek gekomen, om verhalen uit de oorlog te horen van mensen die het kunnen navertellen. Uit deze verhalen zal een toneelstuk groeien.

Koosje Raams uit Eibergen is er, zij werd vorige week 91. Bert Woudsta net 86. Hij deelt zijn verhaal vaker. Via Kamp Westerbork geeft hij lezingen, overal in het land. Paula Voskuijl is de jongste. Ze werd geboren in 1941, maar in haar familie werden de herinneringen altijd levend gehouden. Ze heeft een boek bij zich waarin foto’s en documenten uit de oorlog het verhaal van haar vader, haar opa en andere familieleden illustreren. Een boek waarvan een van de jongeren later zal verzuchten dat het in een museum moet worden bewaard.

Identiteit
In een knus kamertje luistert Britta samen met Kaya (20) en Verle (19) ademloos naar de oudste van het gezelschap, Henk van Gelderen. Zijn verhaal laat zich luisteren als een roman die niet is weg te leggen. Alles zit er in. Grote liefde, hechte vriendschap, goed doordachte moed, maar de vooral de heldendaden van een joodse jongen uit een Enschedese textielfamilie, die dacht economie te gaan studeren in Amsterdam.

96 is hij, en in de Tweede Wereldoorlog was er geen bewijs dat hij Henk van Gelderen uit Enschede was. Johannes van der Kolk, stond er op zijn papieren. Of Johannes Hendrikus Meertens, 15 jaar. ,,Als je 15 was kon je bij razzia’s met je neus vooraan staan en werd je niet te werk gesteld als je werd opgepakt.” Zijn geringe lengte en onnozele voorkomen, zoals hij het zelf zegt, maakten de leeftijd aannemelijk.

Identiteitsbewijzen die hij zelf vervalste, zoals hij er samen met het kleine clubje waar hij deel van uit maakte, honderden moet hebben vervalst en zo levens heeft gered. Als hij ’s avonds na achten in Amsterdam over straat moest, nam hij de identiteit van een verpleger aan. ,,Je mag er niet aan denken dat ze gebruik van mij hadden gemaakt. Dan waren er doden gevallen.”

Onderduiken
Eerder al had Henk van Gelderen verteld hoe toevallig hij eigenlijk in de illegaliteit was beland. ,,Ik had een vriendje die in een grachtenpand woonde, met 11 andere jongens. Het werd 1943 en studenten moesten een loyaliteitsverklaring tekenen waarin ze verklaarden geen bezwaar te hebben tegen de Duitse bezetter.” Wie niet tekende, mocht geen college lopen. Henk van Gelderen schat dat 90 procent niet tekende. ,,Zij moesten verdwijnen, terug naar familie of onderduiken.” De kamers kwamen leeg. ,,Mijn vriendje zei: ‘Weet je wat? We laten hier Joodse mensen onderduiken.” Zij hadden persoonsbewijzen nodig. ,,Eerst gapten we die, al snel zijn we papieren gaan vervalsen.”

Zó verliefd
Vertelt u eens over de liefde, spoort Verle aan. Henk van Gelderen pakt zijn tas en haalt er een mapje uit. ,,Ik heb wat fotootjes meegenomen. Ik wilde wedden dat jullie ernaar zouden vragen.” Lydia Schöffer staat in zwart-wit naast de jonge Henk. ,,Wat een leuk meisje”, zegt Kaya. ,,Ik was zó verliefd”, zegt Henk van Gelderen. Enorm de pest had hij erin dat ze na de oorlog naar Parijs vertrok. ,,Ik moest terug naar Enschede om de textielfabriek van mijn familie over te kunnen nemen. Iedere vrijdag vertrok ik in mijn autootje naar Parijs, zondag reed ik weer terug.” Of de liefde stand heeft gehouden, willen de jonge meiden weten. ,,We zijn uit elkaar gegroeid. Lydia is jong gestorven. Maar met haar kinderen heb ik nog steeds contact.”

Op een ander kiekje is te zien hoe serieus zijn leven was. Henk, Lydia en haar broertje Ivo zijn in de weer met papieren. ,,Hier zaten we ’s avonds te werken aan valse persoonsbewijzen. De foto heeft haar vader genomen.”

Angstige momenten
Of hij ooit bang is geweest? ,,Ik ben wel eens opgepakt in de trein. Ik had valse reisdocumenten bij me, was onderweg om ze naar ondergedoken Engelse soldaten te brengen zodat ze via Bordeau terug naar huis konden.” Hij wijst naar de pleister op zijn voorhoofd. ,,Toen had ik hier verband. Ik realiseerde mij onmiddellijk dat ik er gebruik van moest maken. De Duitsers waren als de dood voor besmetting.” Eczeem werd zijn redding.

,,Vertelde u iemand hoe bang u toen was?”, wil Britta weten. ,,Dat heb ik wel gedaan. Maar verder… Je vertrouwde niemand die je niet kende. Je vertelde nooit wat je deed. Dat is voor een deel onze redding geweest. Het kon je dood betekenen als je teveel wist. Of die van een ander als jij hem met jouw verhaal belastte. We kletsten over alles, we maakten muziek en hadden plezier, maar je hield stijf je mond.” De onuitgesproken band met Lydia en Ivo, met zijn broer Matthieu die de oorlog niet heeft overleefd, werd er alleen maar sterker van.

Jodensterren
Hoe wrang moet het zijn geweest dat Henk van Gelderen, terug in Enschede op de textieldrukkerij van de familie, een laatje opentrok en Jodensterren aantrof. ,,’Hoe komen die hier?’, vroeg ik. ‘Bij jou zijn er tienduizenden gedrukt’. Hoe gek het ook klinkt: ik heb altijd gezegd dat ik blij was voor de mensen die er destijds werkten. Zij konden blijven leven; die Jodensterren waren toch wel gedrukt.”
Na de oorlog was het er de tijd niet naar om herinneringen te delen. ,,Je ging aan de slag. Schouders eronder. Doen.” Nu hij ouder is, komt het besef dat hij erover moet vertellen steeds vaker.

Theater na de Dam
Het verhaal van Henk van Gelderen past als een damesjurk bij het stuk dat de jongeren maken voor 4 mei, Theater na de Dam, 21 uur in het Volkspark. ,,In de oorlog heb ik steeds toneel moeten spelen. Ik leerde het leven als een vreemd mens te leiden.”

Voor nu is de jonge Britta vooral ontdaan. ,,Mijn leraar van de basisschool zei het al: ken je mensen die de oorlog hebben meegemaakt? Práát met hen. Hun verhalen zijn goud waard.”

© Newsroom Enschede, de samenwerking tussen TC Tubantia en 1Twente Enschede - Foto: Reinier van Willigen

Deel deze pagina: