Live Live

FC Twente-aanvoerder Brama betaalt nu de tol van vorig seizoen

Gepubliceerd: Woensdag 10 juli 2019 10:07

FC Twente-aanvoerder Brama betaalt nu de tol van vorig seizoen

Terwijl de rest van de selectie op trainingskamp is in De Lutte, werkt de aanvoerder in Hengelo in z'n eentje aan zijn herstel. De rentree van Wout Brama laat nog wel even zich wachten.

Wat doet een voetballer die een conditionele prikkel nodig heeft maar zijn achillespezen niet mag belasten? Die gaat dus zwemmen. Ver van het trainingsveld in De Lutte trekt Wout Brama op deze dinsdagmorgen z'n baantjes in het Hengelose Twentebad. Een groot liefhebber is hij niet. „Er is aan mij bepaald geen Maarten van der Weijden verloren gegaan”, zegt hij. „Ik ben niet echt een goede zwemmer. Ik snap ook niet hoe Van der Weijden die Elfstedentocht heeft volgehouden. Ik ben na een uur helemaal kapot.”

Een kleine maand is de selectie van FC Twente nu onderweg in de voorbereiding, maar de aanvoerder heeft nog geen normale training mee kunnen doen. „Ik ben tot dusverre twee keer buiten geweest. Ik heb vier keer vier minuten gelopen. Met pijn, dat wel.”

Signaal
Brama worstelt met de erfenis van vorig seizoen, toen hij tegen beter weten in het elftal hielp in de race naar het kampioenschap. Eigenlijk kon het niet, omdat zijn achillespezen een duidelijk signaal hadden afgegeven: tot hier en niet verder. Maar Brama negeerde de pijn, parkeerde het gezonde verstand en luisterde naar de stem van zijn clubhart.

Wout Brama met de schaal na het behalen van de titel in de Keuken Kampioen Divisie: het doel waarvoor de aanvoerder van FC Twente aan het begin van het nieuwe seizoen de tol voor betaalt. © VI Images

Dus stapte hij na twee nederlagen op rij (RKC en FC Dordrecht) tegen Telstar het veld op. „Mijn vriendin vroeg me voor die wedstrijd: 'Betekent dit dat je het begin van het nieuwe seizoen gaat missen?'Waarschijnlijk wel, antwoordde ik. De kans dat ik de competitiestart haal is te verwaarlozen. Ik had dat ingecalculeerd. Het elftal en de club hadden me toen nodig, er was geen andere keus. Daar betaal ik nu wel de tol voor, want ik heb het dubbel zo hard teruggekregen in mijn revalidatieproces. Maar ik zou het zo weer doen. Ik heb er geen seconde spijt van gehad.”

Het enige waarmee hij niet meer geconfronteerd wil worden is de druk uit die dagen. „Dat was vrij heftig. Iedereen wilde dat ik tegen Telstar mee zou doen. Van alle kanten kwamen de appjes binnen. Van medespelers, medewerkers binnen de club, supporters, mensen op straat: het draaide maar om een vraag: Wout, ga je spelen? Het leek wel of de gehele club op mijn schouders rustte, en dat was geen prettige gedachte.”

Bezoekjes aan München
Brama kampt met een zogenoemde achilles tendinopathie. „Mijn achillespezen zijn overbelast", zegt hij. „Simpel gezegd komt het erop neer dat het peesweefsel niet helemaal gezond is. In dat peesweefsel is de doorbloeding minder goed. Er zit vocht in de pees en dat doet pijn.” Hij bezocht in het voorbije half jaar al drie keer de kliniek van de bekende clubarts van Bayern München, Müller-Wolhlfarth. „Met de linkerkant gaat het nu goed. Op rechts zit de pijn.”

Loopbaan in gevaar?
Maar moet hij met 32 jaar niet vrezen dat dit chronisch is en de loopbaan in gevaar komt? „Daar heb ik nog geen moment aan gedacht. Van die noodscenario's wil ik nog zover mogelijk weg blijven. Vooral ook omdat alle specialisten me het gevoel geven dat het goed gaat komen. Ik heb nog geen enkel ander geluid gehoord. Het gaat alleen heel langzaam.”

Geen prognose
Terwijl de competitiestart in beeld komt, zet hij stapje voor stapje. In zijn eentje, met de fysiotherapeut van de beloften, werkt hij deze week in Hengelo door. „Onze vaste fysio's zijn mee met het eerste elftal, om de fitte spelers te behandelen, en zo hoort het ook”, zegt Brama. Hij zal zijn gezicht nog wel enkele keren laten zien in De Lutte, maar het echte groepsproces gaat op dit moment aan hem voorbij. „Voor een topsporter is niets zo frustrerend als binnen blijven terwijl je je ploeggenoten lekker het veld opgaan. Ik heb geen idee wanneer ik weer kan trainen. Bij mijn knieblessure vorig seizoen konden ze aangeven dat het acht tot tien weken zou duren. Met deze blessure kun je geen prognose geven. Het heeft tijd nodig.”

© Newsroom Enschede, de samenwerking tussen TC Tubantia en 1Twente Enschede, foto: Emiel Muijderman

Deel deze pagina: