Live Live

De eenzame strijd van de Twentse Gele Hesjes

Gepubliceerd: Zaterdag 09 februari 2019 12:36

De eenzame strijd van de Twentse Gele Hesjes

Ze roepen om een revolutie, maar willen geen vlieg kwaad doen. Al wekenlang demonstreren tien tot twintig Gele Hesjes elke zaterdag vredelievend in het centrum van Enschede. Hun brutaalste actie is langzaam lopen over het zebrapad of een rotonde. In de kou staan ze bij een benzinepomp of ze zwaaien vanaf een viaduct. Maar als oom agent zegt dat het welletjes is, dan luisteren ze braaf. Vier mannen vormen de kern van de Gele Hesjes Twente. Hun persoonlijke verhalen zijn verschillend, maar ze delen de onvrede, de bezorgdheid en de wil om iets te doen. Maar wat?

Vanaf het appartement met vochtplekken is het een meter of 50 tot de school van zijn 10-jarige dochter. Met zijn Twentepet op z’n hoofd en het gele hesje over de jas loopt René Markink de trappen af, groet vriendelijk zijn Turkse onderbuurman, zegt dat hij goed met deze mensen overweg kan, steekt de straat over en loopt het kerkachtige gebouw van de vrije school De Noorderkroon in. Meteen rechts in de hal staat zijn smalle, hoge kast. Op de bovenste plank staan potjes Olvarit en verder tot beneden aan toe zijn de planken gevuld met levensmiddelen. Het is de voedselruilkast die Markink er neerzette. Wie iets over heeft zet dat erin, wie arm is en iets nodig heeft, die haalt er wat uit.

„Ik wil op nog meer scholen deze kasten plaatsen”, vertelt hij. „Ja, er zit meer achter de man in het gele hesje die zich liet vastplakken aan de pomp”, constateert hij over zichzelf. Deze man roeptoetert niet alleen in de binnenstad dat het fout gaat, maar hij zet zich daadwerkelijk in voor de maatschappij, wil hij maar zeggen.

‘Nederland is in nood’
Eens in de week op dinsdagavond is de voorkamer van zijn kleine appartement in de wijk Twekkelerveld de vergaderplek van de Gele Hesjes Twente. Willem Snelders, Gerrit Braak en Everwijn Overberg, twee Enschedeërs en een Hengeloër, hebben om acht uur de sneeuw van zich afgeschud en nemen plaats aan de houten eettafel waarop Markink mokken neerzet. Achter hen hangt een vlag op zijn kop: ‘Blauw-wit-rood, Nederland is in nood’, is de betekenis.

Facebook heeft hen bij elkaar gebracht. Daar zochten ze geestverwanten. Om in actie te kunnen komen hebben ze globaal wat beheerstaken verdeeld, maar zonder een leider aan te wijzen. Gele Hesjes is een beweging zonder baas. Ze drinken nu koffie, steken sigaretten op en zullen tot half elf de toestand van het land bespreken. Ze zullen zich daarbij vooral het hoofd breken hoe de murw geslagen burger mee te krijgen in een beweging die het niet langer pikt. De kamer vult zich met diepe onvrede, met onzekerheid over de toekomst, met de wens iets te doen.

Hokje
Als Markinks dochtertje naar bed is gegaan begint de vergadering met het bespreken van de acties van de afgelopen week, waaronder het vastplakken met tape van Markink aan een benzinepomp. Een ludiek protest. Het voelde goed en via regionale media en Facebook zijn er toch veel mensen bereikt. Maar al snel wordt duidelijk dat de groep worstelt met de aanpak. De Gele Hesjes staan bij een pomp, ze staan in de binnenstad, ze lopen over een zebrapad heen-en-weer, maar er komt maar weinig op gang.

Markink spreekt in de binnenstad over armoede en steevast stapt een man zwaaiend met een aktetas op hem af die zegt dat hij moet ophoepelen. En het gevoel bekroop hem dat hij op een gegeven moment alleen tegen Duitsers ‘stond te lullen’. Het publiek lijkt de Gele Hesjes slechts meewarige blikken te gunnen. „En wij maar wachten en maar wachten tot de mensen wakker worden”, zegt Markink. „We worden meteen in een hokje geduwd.” Misschien wel, omdat ze het verhaal van de mensen in de gele hesjes niet kennen.

Geweld
In de vergadering valt de plaatsnaam Maastricht. Begin februari is daar een grote bijeenkomst van Gele Hesjes. Wat moet Twente ermee? Het antwoord is snel gevonden: niets, niet naartoe gaan. Er komen fransozen en hoewel de beweging daar begonnen mag zijn, willen ze er in Twente niets mee te maken hebben vanwege de gewelddadigheden. „Als hier met dranghekken wordt gegooid, dan trek ik mijn hesje uit en ga naar huis”, zegt Gerrit Braak. „Dan ga ik gewoon samen met René verder met onze Armoedesite Oost Nederland.”

Het is tijd voor een revolutie, maar het moet een zachte en vreedzame zijn. Braak heeft een geel affiche met een opstandig Twents ros gefotoshopt. Hij laat vervolgens op zijn mobiel een beeldbewerking zien, die tekenend is voor het probleem dat in de vergadering aan de orde is. Diverse landen komen in beeld met foto’s van oproer tegen de regering en tegen Europa. In het midden ligt iemand te snurken: het is Nederland. De vraag is hoe deze slaper is wakker te schudden. Hoe komt het dat hij niet opstaat? Het lijkt of Overberg Markink daarover ineens uithoort en hem in de hoek drukt. Markink legt daarop zijn eigen situatie in de weegschaal. „Misschien is hij moe vanwege scheidingen.” „Ja maar aan wie ligt dat?” „Misschien is hij ’s avonds bekaf, omdat hij er alleen voor staat en voor zijn kind zorgt?” „Ja, maar aan wie ligt dat?” „Aan mij!” „Nee, aan de staat die niet meer zorgt dat er een hulppotje is voor mensen die het moeilijk hebben.”

Voorpost
De jongste in de vergadering is Willem Snelders. Hij heeft de indruk dat de Gele Hesjes er nog altijd last van hebben dat in december leden van de extreemrechtse Voorpost bij hen kwamen staan en flyers uitdeelden. „Tubantia heeft daarover geschreven”, constateert hij. „En mensen brengen ons daar nu ten onrechte mee in verband.” Zijn indruk is dat de duimpjes op Facebook steeds minder worden.

Everwijn Overberg maakt zich geen zorgen. Het doel is groeien, maar dat gaat nu eenmaal niet snel. Hij vraagt zich af of het publiek werkelijk een verband met Voorpost legt. En wat dan nog? Die organisatie wil net als de Gele Hesjes het kabinet van ‘Pinoccio Rutte’ omver kegelen. Dus tegenstanders zijn het in het begin in elk geval niet.

Gerrit Braak merkt op dat het soms best lastig is goede antwoorden paraat te hebben als wordt gevraagd waar de Gele Hesjes voor staan. Het is hem opgevallen dat het gesprek dan soms stilvalt en dat is volgens hem funest. „We willen verandering, maar wat is het alternatief?” Overberg aarzelt geen moment en reageert. Hij is het meest politiek georiënteerd, steunt landelijk het Platform voor Democratie, heeft op de kieslijst van Lokaal Hengelo gestaan en is van plan bij de volgende verkiezingen van de gemeenteraad met een nieuwe, lokale partij te komen. Hij zegt: „We staan voor directe democratie naar Zwitsers model, een eerlijke verdeling van de welvaart en onpartijdige rechtspraak.” De Gele Hesjes besluiten gele stickers te laten drukken, om uit te delen. Overberg zal ze betalen, hoewel Braak het daar moeilijk mee heeft. „We zouden dat samen moeten doen”, zegt hij.

Sneltreinvaart
Markink doet een volgend rondje koffie. In sneltreinvaart vliegen de onderwerpen vervolgens over tafel, inclusief korte persoonlijke ervaringen, gevolgd door de conclusie dat het allemaal niet klopt. Studenten moeten hun lening terugbetalen en bijstandsgerechtigden hun uitkering niet. Diftar verandert de stad in een vuilnisbelt. De Nederlandse klimaatambitie is absurd en raakt vooral de minderbedeelden, de hardwerkende middenklasse kan het ook niet meer betalen. De overheid zaait verdeeldheid. De NPO liegt. Het salaris van Ronaldo is zo hoog dat ‘in de tijd dat wij hier lullen hij weer een nieuwe auto heeft verdiend’. De schuldhulpverlening in Duitsland is veel soepeler en Duitse deurwaarders zijn begripvoller. Afgeserveerde Kamerleden kunnen altijd wel ergens als burgemeester terecht of in het Europees Parlement... et cetera, et cetera.

Dan vraagt Markink hoe ze het dan zullen aanpakken. In grote lijnen wordt de demonstratie voor komende zaterdag doorgenomen. Misschien brengt een bezoek aan een winkelcentrum meer reuring. Willem Snelders kan de gemeente een kennisgeving doen van die volgende demonstratie. Hij onderhoudt het contact.

Wie zijn de Twentse Gele Hesjes?
René Markink is 48 en werd in Stad Delden geboren. Het grootste deel van zijn werkzame leven was hij koerier. Hij is nu bijstandsvader en zorgt voor zijn 10-jarige dochtertje. Zij is alles voor hem. Hij kan rondkomen, maar het houdt niet over. Hij staat op, grijpt een handjevol munten uit zijn broekzak en zegt dat hij soms ook moet kijken of er voldoende over is tot de volgende uitkering.

Het kabinet Rutte beloofde dat de koopkracht er dit jaar op vooruit zou gaan. „Ik heb mijn bewindvoerder een bericht gestuurd, dat dan het weekgeld wel omhoog kan. Die stuurde terug: ‘Daar zou ik maar niet op rekenen’. Het tegenovergestelde overkomt hem nu: de energierekening is hoger geworden, hij heeft alleen maar minder te besteden.

Markink organiseerde in 2013 een langzaamaanactie op de A1 tussen Hengelo en Enter, toen ook al gericht tegen Rutte en Europa. En hij heeft nog altijd een wit regenjack in huis van de manifestatie van de Facebookcommunity Break the System in 2014.

Gerrit Braak: ‘Het zou mooi zijn als ze later zeggen: mijn opa of vader heeft nog geprobeerd het te veranderen’
Het is netjes en huiselijk, zegt Gerrit Braak over het rijtjeshuis aan de rand van Enschede, waarin hij met zijn vrouw en één van hun drie kinderen woont. De andere twee zijn al op zichzelf. Braak (56) is huisman en een opa die graag nog meer met zijn drie kleinkinderen zou willen doen.

Braak heeft slechte longen en vertelt dat hij is afgekeurd, omdat onder meer zijn tussenwervelschijven zijn versleten. Dat en de gemiddelde leeftijdsverwachting van 67 doen hem zeggen dat hij met één been in het graf staat. Hij wil nog iets doen. „Het zou mooi zijn als ze later zeggen: ‘Mijn opa of vader heeft nog geprobeerd om het te veranderen’.”

Braak werkte vanaf zijn 15de. Toen zijn vader overleed, brak hij meteen zijn opleiding lts bouw af om geld te verdienen voor het gezin. Hij werd als leerling aangenomen bij een slagerij in Weerselo. Zijn loon ging flink omhoog toen hij begon als uitbener bij Coveco in Borculo. Hij beende vanaf zes uur ’s ochtends schouders uit. Het zware werk leidde tot overbelasting. Geleidelijk aan kon hij minder en raakte hij arbeidsongeschikt.

Breed hebben ze het niet. Buiten staat een brommertje dat Braak wil opknappen en verkopen. „Dan gaan we er misschien van uit eten”, zegt hij. Op tafel liggen pillen. Hij is bezig te stoppen met roken. Als het hem lukt zal zijn zoon ook geen sigaretten meer aanraken. Braak zou het fantastisch vinden dat zijn inspanning daartoe bijdraagt. „Het is net als met de Gele Hesjes. Al bereiken we maar één ding, dan heb ik al voldoening”, zegt hij.

En als hij dan moet kiezen, dan zou het betaalbare en goede zorg voor iedereen moeten zijn. Hij zegt dat hij elke dag kan douchen, maar zijn schoonmoeder die door vasculaire dementie is getroffen, niet meer. Het valt hem op dat veel ouderen als kanaries eenzaam achter de ramen zitten. „Ik voel dat als onrecht”, zegt hij. Vroeger werd er volgens hem veel meer met ze gedaan. „Als ik ook zo kom te zitten, dan geven ze mij maar dat levenseinde-pilletje”.

Everwijn Overberg: ‘Ik houd pas op als haar reuma over is’
„Ik heb niets tegen belasting betalen, maar wel tegen te veel”, zegt Everwijn Overberg. En dus zoekt hij net zo lang totdat hij de goedkoopste oplossing te pakken heeft. Verscholen achter de huizen aan de Enschedesestraat liggen garageboxen en een kantoorpand met vitrage. Everwijn Overberg (46) verontschuldigt zich voor de puinhoop in dit werkhol, waarachter zijn huurwoning ligt. De hulp in de huishouding die twee keer in de week komt is door haar rottweiler hevig toegetakeld toen ze een epileptische aanval kreeg.

Hier woont hij met zijn vrouw, die onder meer een ernstige vorm van reuma heeft. Met hulp van cannabisolie zijn haar dagen nog dragelijk. „Cbd remt de ontsteking en thc maakt dat je de pijn niet zo erg vindt”, doceert hij over de elementen in cannabis.

Kettingrokend schetst hij dat hij hier een plek heeft gevonden om zijn gang te kunnen gaan. Hij houdt van metal. Hij heeft niet meer nodig dan een laptop om zijn bedrijf Pro SEO Media te runnen, dat zorgt dat bedrijven een gegarandeerde hoeveelheid bezoek op hun website krijgen en dat ze online goed vindbaar zijn. Hij zegt goed te verdienen en daarmee is hij een uitzondering binnen de Gele Hesjes Twente. „Het zijn allemaal hartstikke goede mensen, maar ze kunnen geen kant op”, zegt hij. „Ik kan dat wel. En ik heb wat meer strategisch inzicht.”

Opgegroeid zonder vader is Overberg iemand geworden die alles zelf wil kunnen doen. „Ik moet snappen hoe iets werkt en dan pluis ik het ook helemaal uit”, zegt hij. „Hoe flikken multinationals het en kan ik dat ook?”, vraagt hij zich af. Hij legde zijn oor te luisteren bij een Amerikaans bedrijf dat als één van de eerste miljoenen verdiende met porno op het internet, legde zijn plannetje voor aan de Belastingdienst en wreef zich in de handen toen die zei: ‘Het is niet netjes, maar het mag.’

Overberg wil zijn leventje kunnen leiden zonder dat hij elk dubbeltje moet omdraaien. Waar het hem om gaat is vrijheid. „Als ik vandaag naar Italië wil, dan stap ik in de auto en ben ik weg. Mijn vrouwtje kan mee en we nemen vakantie.” Zorgen voor zijn vrouw is voor hem vanzelfsprekend. Hij heeft gehoord dat vergroeiingen door reuma weggelaserd kunnen worden, maar dat het wel 10.000 euro kost. „Ik houd pas op als haar reuma over is.”

Willem Snelders: ‘Dat ik nu iets voor anderen kan doen, vind ik geweldig’
Drie hoog aan de Oldenzaalsestraat in Enschede is het appartement van Willem Snelders (35). Hij is nu zeventien jaar schoonmaker van treinstellen. Twaalf dagen in de maand is dat werk ’s nachts, van 19.30 tot 04.00 uur. Het is zwaar en hakt erin: van voor tot achter opruimen, prullenbakken legen, vegen, wc’s doen, ramen lappen. Lang niet altijd is er respect voor zijn inzet. Dan wordt hij uitgemaakt voor een vies schoonmakertje. Momenteel zit hij in de ziektewet.

Zijn droom is het om machinist of conducteur te worden. Maar de diploma’s daarvoor heeft hij niet. „Als je die niet hebt, dan kijken ze niet meer naar wat je kunt en wie je bent. Ten onrechte. Je wordt in een hokje geduwd”, zegt hij.

In de kamer staat een grote foto van zijn moeder die in 2015 aan kanker overleed. „Ik denk dagelijks aan haar”, zegt hij. Zijn ouders waren bij zijn geboorte al gescheiden en zijn moeder voedde hem op. Op school werd hij veel gepest, hij kwam in het speciaal onderwijs terecht. „Ik ben niet goed genoeg geholpen om me te kunnen ontwikkelen”, vertelt hij.

Al een half jaar ligt er niets op de vloer in zijn appartement. Eindelijk heeft Snelders wel nieuw laminaat kunnen kopen. Hij had er niet eerder het geld voor. „Ik zou hier toch wel graag iemand willen ontvangen”, zegt hij. „Nu kan dat gewoon niet.” Het appartement van ruim 100.000 euro heeft hij in 2011 op basis van een netto-inkomen van 1.700 euro kunnen kopen. Pas toen ging hij zelf zijn geldzaken beheren en raakte er flink door in de schulden. Nu heeft hij een bewindvoerder en komt rond van 50 euro in de week en nog 80 euro in de maand voor roken.

Een aantal jaren geleden voelde hij een pijnscheut in zijn rug en raakten zijn benen verdoofd. Vorig jaar werd in Utrecht vastgesteld dat hij twee herseninfarcten en een ruggenmerginfarct heeft gehad. Sindsdien slikt hij bloedverdunners. „Dat ik nu iets voor anderen kan doen, dat vind ik geweldig”, zegt hij. Na de zomer sloot hij zich aan bij de gele hesjes en maakte het Facebookaccount Gele Hesje Twente aan. Hij wil iets doen tegen de groeiend tweedeling tussen arm en rijk, tussen geschoold en ongeschoold, tegen het niet nakomen van verkiezingsbeloftes over de pensioenleeftijd en hij wil iets doen vóór duizend euro voor iedere burger. „Het is een bezigheid voor mezelf en een manier om iets voor anderen te betekenen. Mensen reageren negatief, maar we doen het ook voor hun”, zegt hij.

© Newsroom Enschede, de samenwerking tussen TC Tubantia en 1Twente Enschede - foto: Reinier van Willigen

Deel deze pagina: