Live Live

Christian González: rauwe mandekker, die met liefde iets afbreekt

Gepubliceerd: Vrijdag 26 oktober 2018 09:57

Christian González: rauwe mandekker, die met liefde iets afbreekt

Met Cristian González (22) heeft FC Twente het type Douglas terug in het hart van de defensie. Een granieten verdediger uit Uruguay met een ‘licence to kill’.

Moment 1, de wedstrijd bij Eindhoven: Cristian González is boos als hij na een botsing niet meer het veld in mag, omdat zijn wond boven het oog eerst gehecht moet worden. Een klus, die zeker 20 minuten gaat duren.

Gonzalo García García, de assistent-trainer van FC Twente, lacht. “Hij zat helemaal onder het bloed, maar hij zei: bloed? Waar? Ik zie niks. Hij vond het maar belachelijk dat hij eruit moest.”

García García is net als González een Uruguayaan. Hij was op het veld de tegenpool van zijn landgenoot. García García, die als tolk optreedt bij het gesprek, was de stilist, die iets moois creëerde. González is de rauwe mandekker, die met liefde iets afbreekt. “Verdedigers moeten verdedigen en de bal aan anderen laten”, zo luidt het uitgangspunt van González. “Daar denken jullie in Nederland alleen iets anders over, heb ik inmiddels gemerkt.”

Hechtingen
Boven zijn oog zit een wond en zijn hechtingen te zien. González haalt de schouders op. Zie het als een bedrijfsongelukje. Verdedigen is geen vak voor softies. González houdt van duelleren, beuken, en winnen. Zijn mooiste actie dit seizoen was uit in het bekerduel bij FC Groningen toen hij met een geweldige sliding een goal voorkwam. Het deed een beetje denken aan Douglas, de kampioen van 2010.

“Je moet als voetballer weten waar je kwaliteiten liggen en daar naar handelen”, zegt González. “De Uruguayaanse voetballer heeft dat heel sterk in zich. Kijk maar naar onze nationale ploeg. Wij hebben individueel niet de beste spelers, maar de jongens zijn heel solidair naar elkaar. Ze weten dat ze moeten werken voor de aanvallers Suárez en Cavani en daar doet niemand moeilijk over.”

Moment 2, uit de wedstrijd tegen MVV: Opeens heeft FC Twente na rust een speler met een tulband om het hoofd. Cristian González is weer eens ergens tegenaan gelopen, maar opgeven? Nooit!

González wijst naar de twee centrale verdedigers van misschien wel de beste defensieve machine in het huidige voetbal: dat van Atlético Madrid. Daar staan met Godin en Jimenez twee niets ontziende verdedigers uit Uruguay, die het slopen bijna tot kunst hebben verheven. Kijk naar die twee en besef dat verdedigen zoveel meer is dan ordinair een bal afpakken.

Ja, je moet af en toe gemeen durven zijn. González weet dat de spelers van de nationale ploeg vroeger ‘de slagers van Montevideo’ werden genoemd. In de naslagwerken zijn heel wat verhalen te vinden van wedstrijden van Uruguay, die compleet uit de hand liepen. “Uruguayanen zijn anders dan bijvoorbeeld Brazilianen”, zegt González. “Brazilianen nemen het leven makkelijker, zijn losser. Wij zijn maar met 3,5 miljoen en dat maakt ons ook zo hecht. Wij zijn meer vechters, moeten het van het collectief hebben. Wij spelen altijd met het hart en dan gaat het temperament wel eens met ons op de loop. Een Uruguayaan is ook ongelooflijk trots. Bij ons zeggen ze: Je kunt beter het gevecht aangaan en verliezen, dan weglopen voor het gevecht.”

Suárez
Daarom nam het volk ook geen afstand van Suárez toen hij op het WK van 2014 zijn tanden zette in de arm van de Italiaanse verdediger Chiellini. “De meningen waren toen sterk verdeeld”, zegt González. “Het was fifty-fifty.” Dan lachend: “Veel mensen keurden de actie wel goed, omdat Suárez voor alles en nog wat werd uitgemaakt. Hij had het alleen niet in het zicht van de camera moeten doen, vonden ze.”

Die houding heeft alles met het gevoel van onrecht te maken. Tolk García García: “Als je een Uruguayaan belazert, komt het nooit meer goed. Ik ben er al 15 jaar weg en ben er vijf jaar geleden voor het laatst geweest, maar die karaktertrek raak ik ook nooit kwijt.”

Moment 3, een doordeweekse training: de bal rolt richting het kleine doeltje als Cristian González met een alles-of-niks-sliding probeert een goal te voorkomen. Het resultaat is dat hij tegen het doel opknalt. “Cristian”, zo brult trainer Marino Pusic, “je moet je tegenstander killen, niet de goal!!”

González is een kind van de hoofdstad Montevideo. Daar leerde hij de wetten van de straat. “Montevideo heeft de gevaren van elke grote stad”, zegt hij. “Al is het tegenwoordig op sommige plekken veel linker dan toen ik er woonde. We voetbalden elke dag. En van de stenen die op straat lagen, maakten we doelpalen. Meestal speelden we tegen oudere jongens. Daar leerde je wat strijd is, want anders werd je omver geblazen. Ja, bijna elke dag eindigde het ook met ruzie.”

Via de topclub Penarol en Danubio kwam hij bij Sevilla terecht. Bij de vaste uitdager van de Spaanse topclubs kwam hij niet verder dan het tweede elftal. “Ik trainde vaak wel mee met het eerste mee, maar het is zo moeilijk om daar door te breken. Het is niet normaal hoeveel kwaliteit daar rondloopt.”

Debuut
Zijn start bij FC Twente was aarzelend. Logisch, want bij zijn debuut bij Helmond Sport speelde hij voor het eerst in zijn leven op kunstgras. González kijkt er vies bij. “Dat is niks”, zegt hij. García García heeft nog een reden voor het stroeve begin. “In Nederland verdedigen we heel anders. Hier let iedereen vooral op z’n eigen tegenstander, je ziet spelers ook vaak om zich heen kijken omdat ze ‘hun mannetje’ kwijt zijn. In Spanje en Zuid-Amerika houd je als verdediger de totale organisatie in de gaten. Je bent er verantwoordelijk voor het grote geheel.”

Die periode van gewenning heeft González inmiddels afgerond. Hij valt niet op door zijn subtiele aannames, of snelle voortzettingen, wel door zijn defensieve kracht en onverzettelijkheid. “Als ik op het veld sta, telt maar een ding: overleven. Hoe? Dat maakt niet uit. Die vraag stel ik mezelf niet eens.”

© Newsroom Enschede, de samenwerking tussen TC Tubantia en 1Twente Enschede, foto: Lars Smook

Deel deze pagina: