Live Live

AUDIO | Enschedese woningcorporatie in beroep over servicekosten: ‘Spagaatpositie’

Gepubliceerd: Dinsdag 12 maart 2019 11:37

AUDIO | Enschedese woningcorporatie in beroep over servicekosten: ‘Spagaatpositie’

Ons Huis gaat in beroep tegen de uitspraak van de kantonrechter. Die stelde de corporatie in het ongelijk bij de zaak over het in rekening brengen van bepaalde kosten voor de collectieve verwarming in huizenblokken, waaronder die voor afschrijving en onderhoudscontracten.

Reden voor het in beroep gaan is dat de uitspraak niet de beoogde duidelijkheid heeft gebracht, zegt directeur Peter Winterman van Ons Huis. „We moéten daarom wel in beroep. Om die duidelijkheid zo snel mogelijk te krijgen. Ook voor de zevenhonderd huurders van ons die hiermee te maken hebben.” In corporatieland is men volgens Winterman dan ook benieuwd welke kant het op gaat.

Onduidelijk
De onduidelijkheid betreft het - naast de kale huurprijs - in rekening brengen van kosten voor de blokverwarming die Ons Huis levert. Dat zijn de afschrijvingskosten voor groot onderhoud aan de verwarmingsinstallaties, de kosten voor onderhoudscontracten, administratiekosten en een reservering voor storingscompensatie.

Corporaties gaan daar verschillend mee om. Dat komt doordat er twee wettelijke regelingen zijn op dit gebied: de Warmtewet en het Besluit Servicekosten. Ons Huis berekent bovengenoemde kosten aan huurders door omdat dit volgens de Warmtewet zou zijn toegestaan. Het ministerie van Economische Zaken bevestigt dat deze kosten als servicekosten in rekening mogen worden gebracht.

Besluit Servicekosten
Maar zowel de Huurcommissie als de kantonrechter denkt er anders over. Die vinden het in strijd met het Besluit Servicekosten. De twee regelingen zijn, aldus de kantonrechter, op een aantal punten tegenstrijdig. Weliswaar wordt gewerkt aan een wettelijke aanpassing die maar voor één uitleg vatbaar is, maar het is onbekend wanneer deze van kracht wordt.

En zolang er nog geen eensluidendheid is, dreigen corporaties op grond van de recente uitspraak van de kantonrechter in Enschede forse bedragen te moeten terugbetalen aan hun huurders. „We zitten nog steeds in een spagaatpositie”, constateert Peter Winterman.

Soortgelijke rechtszaak
Tegelijkertijd speelt zich volgens hem in Groningen een soortgelijke rechtszaak af, waarvan het vonnis juist de tegenovergestelde kant op gaat. Winterman is over het vonnis benaderd door andere corporaties die op de hoogte gehouden willen worden.

Ons Huis is de procedure begonnen in nauw overleg met Helprich Fockens, bestuurslid van het Huurdersbelang Ons Huis. Hij schakelde eerder de Huurcommissie in, die hem evenals de kantonrechter in het gelijk stelde. Fockens zou de servicekosten (ongeveer 130 euro over twee jaar) die hij in de ogen van de rechter onterecht heeft betaald, kunnen terugvorderen van Ons Huis.

Maar dat doet hij niet. „Laat ze het geld maar even houden, tot er na het hoger beroep definitief duidelijkheid is.”

Terugvorderen
Achterliggende gedachte is dat zevenhonderd huurders van Ons Huis aanspraak zouden kunnen maken op de terugbetaling. „Wat als Ons Huis toch gelijk krijgt. Moet je het terugbetaalde geld dan weer terugvorderen van al die huurders?”, aldus Winterman. Per jaar gaat het om in totaal 42.000 (van zevenhonderd huurders) geïncasseerde euro's. Oftewel 210.000 euro over de vijf jaar dat Ons Huis de betreffende kosten nu doorberekent.

© Newsroom Enschede, de samenwerking tussen TC Tubantia en 1Twente Enschede, foto: Cees Elzenga

Deel deze pagina: